2010 – Krijgsman

Als ik mijn herinneringen terug ga, dan denk ik aan die ene avond in Irak in 2003. Met een kleine groep mariniers waren we verantwoordelijk voor de beveiliging van een strategisch gelegen gebouw in de stad. Toen inlichtingen erop wezen dat dit gebouw het doelwit zou worden van een zelfmoord aanslag werd al het personeel geëvacueerd, behalve wij…. We hadden alle reden om deze dreiging serieus te nemen aangezien een paar dagen eerder eenzelfde gebouw was aangevallen in een nabijgelegen stad. Daar vielen 18 doden te betreuren.

Buiten de muren van ons gebouw hebben collega’s alles in het werk gezet om de beveiliging rondom te garanderen. Binnen hing er bedrukte sfeer, alsof ieder moment het laatste moment kon zijn, sommige schreven brieven naar huis. Het liet de meest geharde militairen van hun menselijke kant zien. Na een aantal lange dagen kwam er dankzij de inzet van vele militairen een einde aan de acute dreiging. De routine werd al snel hervat maar het had toch wat duidelijk gemaakt. Enerzijds gaf het ons het besef dat Irak nog lang geen veilig land was en anderzijds gaf het de stimulans om voor de vrede en veiligheid van de lokale bevolking aanwezig te blijven.

Maanden lang patrouilleerden we; van de stoffige straten van de stad tot diep in het woestijngebied. Er waren rustige periodes maar er waren ook incidenten met geweld, onbegrip en vermoeidheid. We lieten aan de bevolking duidelijk zien dat we er waren maar vochten terug op het moment dat het nodig was. Het zijn herinneringen die veel leeftijdsgenoten niet kennen daarom is de band met collega’s des te groter.  Je wilt tenslotte met z’n allen de klus klaren. Dat lukt helaas niet altijd. Op 10 mei 2004, bijna 6 jaar geleden valt het eerste dodelijke slachtoffer sinds 1995 aan Nederlandse zijde.

Ik herinner me mijn vertrek uit Irak in 2004 als de dag van gisteren. Op het vliegveld van Koeweit  stond ik met 100 andere mariniers te wachten tot we het vliegtuig in konden. Mijn oog viel op het vliegtuig naast ons, waarachter een rij stond opgesteld van kisten bedekt met de Amerikaanse vlag. Ook deze jongens hadden gehoopt dat ze levend terug zouden gaan naar hun vaderland. Wat gaf mij dan meer het recht om wél levend terug te mogen? Ik kon en kan nu nog steeds alleen maar respect hebben, dat zij hun leven hebben gegeven voor mensen ver buiten hun eigen landsgrenzen.

Afghanistan 2005… Het regime van de Taliban had zichtbaar diepe sporen getrokken in de omgeving waar wij opereerden. Gedurende ons verblijf zijn we druk bezig geweest om de bevolking een veilig leven te  bieden. Iets wat veel eist van mens en materieel. Dagen lang op patrouille in de zinderende hitte met weinig slaap; rijdend over stoffige paden die nauwelijks wegen genoemd kunnen worden. Ondanks deze inzet konden we soms niet voorkomen dat oude krijgsheren van de Taliban met Afghaanse burgers afrekende voor verraad of oude vetes. Voor ons was de cultuur moeilijk te begrijpen maar de Afghaanse bevolking  leeft al decennia  in oorlog. Vaak zonder goed toekomst perspectief en niets te verliezen, pakken de mensen snel de wapens op. De missie in Afghanistan is dus zeker niet zonder nut. Veiligheid is immers de bakermat voor een betere toekomst. Onlangs kwamen 2 collega mariniers om bij een bermbom. Een laffe daad waar 2 jonge mannen de dupe van werden.  Daarmee komt het Nederlandse dodenaantal in Afghanistan op 23.  Dat zijn er 23 teveel. Elke dag nog, wagen vele militairen het leven om voor de veiligheid in te staan van andere mensen.

Laten we daarom de duizenden slachtoffers nooit vergeten die ooit voor de vrijheid van ons land zijn gesneuveld. Maar laten we ook hen niet vergeten die in Irak, Afghanistan of welke crisisgebied dan ook, de hoogste prijs hebben betaald voor de vrijheid wereldwijd.